Skip to main content

Search

Klinisch onderzoek

Klinisch onderzoek

De Clinical Pharmacology Unit (CPU) van Janssen in het Jan Palfijn-ziekenhuis in Merksem test bij menselijke vrijwilligers geneesmiddelen die nog volop in ontwikkeling zijn. Het spreekt voor zich dat de veiligheid van de vrijwilligers hierbij absolute prioriteit krijgt. Die wordt op meer dan één manier gewaarborgd.

Pas na jarenlange preklinische ontwikkeling in het laboratorium kan de stap gezet worden naar de klinische studies. Onderzoekers proberen tijdens het labo- en proefdierenonderzoek de risico’s voor de vrijwilligers zo goed mogelijk in te schatten en zo veel mogelijk gegevens te verzamelen over het geneesmiddel. Een nieuw geneesmiddel ontwikkelen voor mensen kan natuurlijk niet zonder ook daadwerkelijk bij mensen te testen of de nieuwe stof werkt en veilig is. Via labo- en dierproeven kun je enkel veronderstellingen maken. Stel dat er in het preklinisch onderzoek aanwijzingen zijn voor een mogelijk risico, dan worden de proeven bij mensen niet opgestart. We starten klinisch onderzoek pas als we overtuigd zijn dat het potentiële geneesmiddel veilig genoeg is om te onderzoeken en er een goede rationale voor werkzaamheid is.

Zorgvuldigheid is aangewezen

De zorg voor de veiligheid en gezondheid van de vrijwilligers die deelnemen aan klinisch onderzoek start al bij de selectie van de deelnemers. Aan klinisch onderzoek kun je niet zomaar deelnemen. Een eerste algemeen vooronderzoek bepaalt voor welke proeven je geschikt bent. Vooraleer je aan een onderzoek kunt deelnemen, moet je ook een verdere screening of vooronderzoek doorlopen. Pas dan kun je je steentje bijdragen tot de medische wetenschap.

Continu observeren en meten

Niets wordt aan het toeval overgelaten tijdens klinisch onderzoek. De onderzoekers houden de vrijwilligers nauwlettend en continu in de gaten, en daar komt heel wat meetapparatuur bij te pas. Ze meten bloeddruk, electrocardiogram of hartfilm en hartslag, volgen de ademhaling op en nemen bloedstalen om chemische veranderingen in het bloed op te sporen. Bovendien treden een aantal medewerkers op als waarnemers. Zij observeren de vrijwilligers, vragen hen geregeld hoe ze zich voelen en stellen ook zeer gerichte vragen.

Ziekenhuisomgeving

Dat de CPU gevestigd is in het Jan Palfijn-ziekenhuis in Merksem is een bewuste keuze. “Risico’s in onderzoek zijn nu eenmaal niet 100% uit te sluiten. Onze mensen kunnen uiteraard de noodzakelijke eerste hulp toedienen, maar het is belangrijk dat we snel een beroep kunnen doen op de gespecialiseerde diensten van het ziekenhuis”, verklaart Maikel Raghoebar, directeur van de CPU. Het onderzoeksteam is multidisciplinair samengesteld en werkt onafhankelijk van het ziekenhuis. Maar voor bepaalde onderzoeken kan de expertise van een gespecialiseerde arts nodig zijn. Dan is het handig dat die dichtbij te vinden is.

Interesse om deel te nemen aan een klinische studie? Lees er alles over en meld je aan op www.cpu.be