Skip to main content

Search

We hopen een belangrijke bijdrage te kunnen leveren tot het uitroeien van hiv-infecties

Dec 01, 2015
Wim Parys
Wim Parys
Vice President, R&D Global Public Health

Het vinden van een hiv-vaccin is een van de belangrijkste medische uitdagingen van dit moment. Dit is een extreem moeilijke opdracht, maar we zetten erop in.

Wim Parys

Vanaf het moment dat hiv opdook, en bekend raakte dat het om een virus ging, startte een team in Janssen de zoektocht naar een therapie. Onze organisatie begon in ’87 een samenwerking met het Rega Instituut van de KULeuven. In ’90 volgde hieruit een eerste publicatie over de ontdekking van de NNRTI’s: een nieuwe klasse van hiv-remmers. We ontdekten verschillende actieve stoffen, maar de kennis van het hiv was nog onvoldoende ontwikkeld en we wisten nog niet dat het virus in staat was om snel te muteren waardoor het effect van de gevonden stoffen om de vermenigvuldiging  van het virus tegen te gaan maar heel tijdelijk was. Dat was meer dan 20 jaar geleden. We hadden geneesmiddelen gevonden die wel werkten, maar als 2 weken na de start van de behandeling  opnieuw bloed werd afgenomen bij de patiënten, zagen we dat het virus resistent geworden was en terug in staat was zich ongeremd te vermenigvuldigen.

Zo kwamen we tot de vaststelling dat enkel combinatietherarpie in staat zou zijn om langdurig de groei van het hiv te onderdrukken. Sindsdien heeft Janssen drie geneesmiddelen ontwikkeld die ongeveer 500.000 patiënten wereldwijd bereiken in alle stadia van de ziekte. Dankzij effectieve behandelingen om de ziekte in bedwang te houden is hiv gelukkig niet langer een doodvonnis, maar een chronische ziekte. In het begin van de epidemie was de levensverwachting van iemand die een hiv-besmetting opliep ongeveer 2 jaar. Door de onderzoekinspanningen is dit momenteel niet meer het geval: wanneer iemand besmet met hiv dagelijks de juiste combinatietherapie neemt, is hiv geen dodelijke infectie meer. Elke dag een geneesmiddel nemen is echter niet vanzelfsprekend. Daarom is het belangrijk dat de combinatietherapie bestaat uit een zo klein mogelijk aantal pillen, liefst slechts 1 per dag en daar werken we in onze Janssen Global Public Health groep aan mee.  We onderzoeken ook een zeer innovatieve nieuwe aanpak waarbij door langwerkende injecties de geneesmiddelen maar eens om de 2 maanden moeten toegediend worden.  Het blijft enorm belangrijk om innovatief te denken over de behandeling van hiv.  Een van onze stoffen wordt ook als microbicide middel in een vaginale ring onderzocht onder leiding van het International Partnership for Microbicides.  Zeer binnenkort zijn de fase 3 studies afgelopen en we zijn hoopvol dat deze aanpak vrouwen een middel zal geven om besmetting te voorkomen.

Maar zelfs die preventieve of therapeutische innovaties zijn op zich niet voldoende. We moeten meewerken aan het beschikbaar maken van therapie aan alle mensen die leven met hiv. Het uitbreiden van de toegang tot hiv-behandeling heeft topprioriteit voor de groep Janssen Global Public Health. Er leven momenteel meer dan 36 miljoen mensen met hiv en een meerderheid hiervan heeft nog steeds geen toegang tot behandeling, meestal zijn dit mensen die leven in landen met lage en middeninkomens. Daarom vinden we dat  het verbreden van de toegang tot behandelingen in gebieden met beperkte middelen absoluut cruciaal is. 

Een nieuw rapport in The Lancet spreekt over een belangrijke daling  van het aantal infecties bij kinderen. Maar nieuwe infecties dalen nog steeds niet snel genoeg. De beste oplossing is een vaccin dat infectie voorkomt. Dit is een extreem moeilijke opdracht, maar we zetten erop in. Het vinden van een hiv-vaccin is een van de belangrijkste medische uitdagingen van dit moment. Het is iets waarnaar wetenschappers al meer dan twintig jaar op zoek zijn. Janssen wil die mijlpaal realiseren. Onze Nederlandse site in Leiden loopt voorop in dit onderzoek. Elf jaar geleden werd er gestart met de ontwikkeling van een hiv-vaccin samen met een wetenschappelijke groep in Harvard. We hebben nog jaren te gaan, maar de eerste resultaten zijn zeer belovend en we spelen duidelijk een leidende rol in het onderzoek. Onze hoop om de ziekte ooit te kunnen uitroeien is daarom gerechtvaardigd.